Mede door het toenemend gebruik van drones is de Overheid actief in overleg met de partijen die van het luchtruim gebruik maken over aanpassingen in de wet om de veiligheid te vergroten. De FLRCV is sinds begin 2015 betrokken bij dit overleg.

Zo geldt sinds 1 juli 2015 een gewijzigde wetgeving waarbij de maximaal toegestane vlieghoogte beperkt is tot 120 meter. Een uitzondering hierop is gemaakt voor de velden van de clubs van de FLRCV en KNVvL, waar tot de oorspronkelijke 300 meter hoogte gevlogen mag worden.

Kort samengevat gelden voor recreatief modelvliegen o.a. de volgende beperkingen op dit moment:

 

  • niet vliegen met een modelvliegtuig zwaarder dan 25 kg;
  • niet hoger vliegen dan 120 meter boven de grond of het water[1];
  • niet boven mensenmenigten of aaneengesloten bebouwing of kunstwerken, industrie- en havengebieden vliegen of boven spoorlijnen of verharde openbare wegen, met uitzondering van wegen in 30 km-zones binnen de bebouwde kom en wegen in 60 km-gebieden buiten de bebouwde kom;
  • niet in het donker vliegen;
  • niet binnen het plaatselijke verkeersleidingsgebied van een gecontroleerde civiele of militaire luchthaven vliegen;
  • niet binnen een straal van 3 kilometer rondom een ongecontroleerde luchthaven vliegen;
  • altijd in het zicht van de bestuurder op de grond zijn tijdens de gehele vlucht;
  • altijd voorrang geven aan vliegtuigen, helikopters, zweeftoestellen, vrije ballonnen en luchtschepen en al het andere luchtverkeer.

 

“Recreatieve” drones[2] tot 25 kg vallen onder de Regeling Modelvliegen (23-04-2015), beroepsmatig gebruikte drones van 0 tot 150 kg onder de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen.

 Verdere aanpassingen aan de wet worden begin 2018 verwacht

 


 

 [1] Voor modelvliegtuigen die vliegen bij een vereniging die is aangesloten bij de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart of de Federatie Limburgse Radio Controle Vliegers geldt een maximumhoogte van 300 meter boven hun modelvliegterreinen.

 [2] (zie ook www.rijksoverheid.nl/drones)